Ruim een kwart van de nieuwe BBL-leerlingen heeft moeite met het vinden van een leerwerkplek. Een onwenselijke situatie voor zowel de leerlingen als de branche. Inmiddels zijn diverse acties in gang gezet om leerwerkplekken in de mobiliteitsbranche te stimuleren. De verwachting is namelijk dat over twee tot vier jaar, na de economische recessie, de werkgelegenheid toeneemt en dan is de nieuwe instroom hard nodig. Het bedrijfsleven onderkent het belang van opleiden, maar geeft aan dat het in crisistijd moeilijk is om voldoende leerbanen aan te bieden.
Berekening
Om bedrijven te overtuigen van de voordelen die het opleiden van leerlingen biedt, heeft Innovam berekend wat een leerling op kan leveren. Als alle mogelijke kosten van bijvoorbeeld een 16-jarige leerling met een vmbo-diploma die start met een tweejarige BBL-opleiding worden afgezet tegenover alle mogelijke opbrengsten, houdt een bedrijf na twee jaar ruim 55 duizend euro over.
Hierbij is ervan uitgegaan dat de schooldag door het bedrijf wordt doorbetaald en dat de leerling wordt betaald volgens het in de cao vastgelegde minimumloon. Onder de kosten vallen onder meer het salaris, de studiekosten, RPT-dagen, leermeestertrainingen, verleturen van de leermeester en werkkleding. Daar tegenover staan opbrengsten als omzet arbeidsloon, fiscale tegemoetkomingen en subsidies en stimuleringspremies van stichting OOMT. Aangezien de uitkomst afhankelijk is van de bedrijfssituatie (o.a. uurtarief) en de productieve uren van de leerling, houdt Innovam een bandbreedte aan van 25 tot 55 duizend euro over twee jaar.
De berekening is beschikbaar voor geïnteresseerde bedrijven via de adviseurs van Innovam. Op www.innovam.nl/maatregelen is ook een overzicht beschikbaar van alle subsidies en crisismaatregelen.